Mediawet 2008

MEDIAWET 2008

(Artikel 2.146 en Hoofdstuk 8)

Artikel 2.146
De rijksmediabijdrage en de inkomsten van de Ster dienen ter bestrijding van de kosten verbonden aan:
a. de bekostiging vande uitvoering van de publieke mediaopdracht op landelijke niveau volgens afdeling 2.6.2;
b. de bekostiging van de Wereldomroep volgens afdeling 2.6.3;
c. het Europese media-aanbod, bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, onderdeel e;
d. het Stimuleringsfonds voor de pers, genoemd in artikel 8.1;
e. de Raad voor cultuur, voor zover samenhangend met de advisering over radio, televisie, pers en andere vormen van massacommunicatie, tot een door Onze Minister te bepalen bedrag;
f. het Commissariaat;
g. door Onze Minister bekostigd onderzoek in het belang van de massacommunicatie;
h. de bijdrage aan de stichting Stimuleringsfonds Nederlandse culturele mediaproducties;
i. vergoedingen aan een door Onze Minister aan te wijzen instelling voor het in stand houden en exploiteren van omroeporkesten, omroepkoren en een muziekbibliotheek;
j. vergoedingen aan een door Onze Minister aan te wijzen instelling voor het in stand houden en exploiteren van een media-archief;
k. een door Onze Minister aan te wijzen overlegorgaan van lokale publieke media-instellingen; en
l. bijdragen voor de verzorging van media-aanbod van regionale en lokale publieke mediadiensten dat gericht is op minderheden.

HOOFDSTUK 8. DE PERS

TITEL 8.1 STIMULERINGSFONDS VOOR DE PERS

Artikel 8.1
1. Er is een Stimuleringsfonds voor de pers.
2. Het Stimuleringsfonds heeft rechtspersoonlijkheid en is gevestigd in de gemeente ’s-Gravenhage.

Artikel 8.2
1. In dit hoofdstuk word verstaan onder:
Stimuleringsfonds: Stimuleringsfonds voor de pers.
2. Op het Stimuleringsfonds is de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen van toepassing met uitzondering van artikel 22.

Artikel 8.3
1. Het Stimuleringsfonds heeft tot doel het handhaven en bevorderen van de pluriformiteit van de pers, voor zover die van belang is voor de informatie en opinievorming.
2. Het Stimuleringsfonds is belast met:
a. het verstrekken van subsidies;
b. het verrichten of doen verrichten van onderzoek met betrekking tot het functioneren van de pers; en
c. de uitvoering van overige taken die hem zijn opgedragen bij of krachtens deze wet en andere wetten.

Artikel 8.4
1. Het Stimuleringsfonds heeft een bestuur dat bestaat uit een voorzitter en zes andere leden.
2. Een benoeming geschiedt voor vijf jaar en herbenoeming voor een aansluitende periode is eenmaal mogelijk.

Artikel 8.5
Onverminderd artikel 13 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen zijn met het lidmaatschap van het bestuur van het Stimuleringsfonds onverenigbaar:
a. het lidmaatschap van een van beide Kamers der Staten-Generaal, een provinciaal bestuur of een gemeentebestuur;
b. een dienstbetrekking bij een ministerie, een dienst, instelling of bedrijf vallende onder de verantwoordelijkheid van een minister; en
c. het lidmaatschap van een orgaan van of een dienstbetrekking bij een publieke media-instelling, een commerciële media-instelling of een uitgever van een persorgaan.

Artikel 8.6
1. Het Stimuleringsfonds neemt besluiten bij meerderheid van stemmen.
2. Het Stimuleringsfonds kan slechts met instemming van alle leden aan één of meer van zijn leden mandaat en machtiging verlenen voor het uitvoeren van delen van zijn taak.
3. Het Stimuleringsfonds stelt inzake zijn besluitvorming en werkwijze een bestuursreglement vast.

Artikel 8.7
Onze Minister vergoedt uit de in artikel 8.8 bedoelde inkomsten en uit andere beschikbare financiële middelen de kosten van het Stimuleringsfonds op basis van de door hem goedgekeurde begroting.

Artikel 8.8
1. Bij ministeriële regeling:
a. kan worden bepaald welk percentage, dat ten hoogste vier procent bedraagt, van de inkomsten uit reclame- en telewinkelboodschappen van onderscheidenlijk de landelijke, regionale en lokale publieke mediadiensten en de commerciële media-instellingen jaarlijks wordt uitgekeerd ten behoeve van het Stimuleringsfonds voor de pers; en
b. kunnen regels worden gesteld over de vaststelling van de in onderdeel a bedoelde inkomsten.
2. Regionale en lokale publieke media-instellingen en commerciële media-instellingen voldoen jaarlijks het met toepassing van het eerste lid vastgestelde bedrag aan het Commissariaat, dat het ter beschikking stelt aan Onze Minister.

Artikel 8.9
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de inrichting van de begroting, het financieel verslag en aandachtspunten voor de accountantscontrole.

TITEL 8.2 SUBSIDIEVERSTREKKING TEN BEHOEVE VAN PERSORGANEN

Artikel 8.10
1. Het Stimuleringsfonds kan binnen de door Onze Minister beschikbaar gestelde bedragen subsidie verstrekken op grond van deze titel.
2. Subsidie wordt alleen verstrekt ten behoeve van persorganen die voldoen aan de volgende voorwaarden:
a. zij worden in Nederland uitgegeven en zijn bestemd voor het publiek in Nederland;
b. zij bevatten in belangrijke mate nieuws, analyse, commentaar en achtergrondinformatie over een gevarieerd deel van de maatschappelijke actualiteit, mede in het belang van politieke meningsvorming;
c. zij worden geredigeerd door een zelfstandige redactie op basis van een statuut waarin de redactionele identiteit is neergelegd;
d. zij verschijnen regelmatig en ten minste maandelijks;
e. zij zijn voor iedereen verkrijgbaar;
f. zij worden verkrijgbaar gesteld tegen betaling;
g. zij worden niet uitgegeven door of vanwege de overheid; en
h. zij worden niet uitgegeven of verspreid in samenhang met het lidmaatschap, donateurschap of deelnemerschap van een vereniging, kerkgenootschap of andere organisatie.

Artikel 8.11
1. Het Stimuleringsfonds kan ten behoeve van een persorgaan aan de uitgever daarvan subsidie verstrekken in de vorm van kredieten of kredietfaciliteiten voor de uitvoering van een project dat gericht is op een rendabele exploitatie van het persorgaan.
2. Subsidie wordt alleen verstrekt als:
a. de continuïteit van het persorgaan in gevaar is;
b. de noodzakelijke financiële middelen niet of niet afdoende op andere wijze kunnen worden verkregen;
c. het project wordt uitgevoerd volgens een activiteitenplan dat uitzicht biedt op een rendabele exploitatie van het persorgaan binnen een redelijke periode; en
d. het activiteitenplan door het Stimuleringsfonds is goedgekeurd.
3. Uitsluitend ten behoeve van een eenmalige reorganisatie van een persorgaan kan de subsidie worden verstrekt in de vorm van een uitkering als het activiteitenplan niet op doeltreffende wijze kan worden uitgevoerd met kredieten of kredietfaciliteiten.

Artikel 8.12
1. Het Stimuleringsfonds kan ten behoeve van het starten van de exploitatie van een persorgaan aan de uitgever daarvan subsidie verstrekken in de vorm van kredieten of kredietfaciliteiten.
2. Subsidie wordt alleen verstrekt als:
a. het persorgaan ten minste zes keer per week verschijnt;
b. het starten van de exploitatie zonder subsidie niet mogelijk is;
c. het starten van de exploitatie plaatsvindt volgens een activiteitenplan dat uitzicht biedt op een rendabele exploitatie binnen een redelijke periode; en
d. het activiteitenplan door het Stimuleringsfonds is goedgekeurd.
3. Subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste de helft van de in het activiteitenplan begrote kosten die zijn berekend volgens door het Stimuleringsfonds vast te stellen richtlijnen over een periode van ten hoogste vier jaar vanaf de start van de exploitatie.
4. Als de werkelijke exploitatietekorten lager zijn dan de voorziene exploitatiekosten kan de subsidie lager worden vastgesteld tot ten hoogste vijfentwintig procent van de werkelijke exploitatietekorten.

Artikel 8.13
1. Het Stimuleringsfonds kan ten behoeve van twee of meer persorganen gezamenlijk aan de uitgever of uitgevers daarvan subsidie verstrekken voor de uitvoering van een project gericht op het verbeteren van de exploitatiepositie van die persorganen.
2. Subsidie wordt alleen verstrekt als:
a. het project wordt uitgevoerd volgens een activiteitenplan dat door de verantwoordelijke uitgever of door de verantwoordelijke uitgevers gezamenlijk is opgesteld en dat uitzicht biedt op een structurele verbetering van de exploitatiepositie van de persorganen binnen een redelijke termijn;
b. het project past in de doelstellingen van het Stimuleringsfonds; en
c. het activiteitenplan door het Stimuleringsfonds is goedgekeurd.

Artikel 8.14
1. Het Stimuleringsfonds kan voor het verrichten van organisatieonderzoek dat gericht is op structurele verbetering van de exploitatiepositie van een persorgaan aan de uitgever daarvan subsidie verstrekken.
2. Subsidie wordt alleen verstrekt als:
a. de exploitatie in het boekjaar voorafgaand aan de aanvraag van de subsidie verliesgevend is geweest of dreigde te worden;
b. door de uitgever een voorstel is ingediend dat de opzet en uitvoering van het onderzoek bevat;
c. het voorgestelde onderzoek past in de doelstellingen van het Stimuleringsfonds; en
d. het voorstel voor het onderzoek door het Stimuleringsfonds is goedgekeurd.
3. Subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste tweederde deel van de kosten van het onderzoek.

TITEL 8.3 OVERIGE VORMEN SUBSIDIEVERSTREKKING

Artikel 8.15
1. Het Stimuleringsfonds kan subsidie verstrekken voor het verrichten van onderzoek ten behoeve van de persbedrijfstak als geheel.
2. Subsidie wordt alleen verstrekt als:
a. een voorstel is ingediend dat de opzet en uitvoering van het onderzoek bevat;
b. het voorgestelde onderzoek betrekking heeft op de bedrijfstak als geheel en past in de doelstellingen van het Stimuleringsfonds; en
c. het voorstel voor het onderzoek is goedgekeurd door het Stimuleringsfonds.

TITEL 8.4 OVERIGE BEPALINGEN

Artikel 8.16
1. Het Stimuleringsfonds kan ieder jaar subsidieplafonds vaststellen voor de verschillende activiteiten waarvoor subsidie kan worden verstrekt.
2. Een besluit tot vaststelling van een subsidieplafond wordt in de Staatscourant bekendgemaakt.

Artikel 8.17
1. Subsidies worden verstrekt op aanvraag.
2. Het Stimuleringsfonds kan een aanvraag voorleggen aan een externe adviesinstantie.
3. Het Stimuleringsfonds waarborgt dat vertrouwelijke gegevens betreffende de bedrijfsvoering van de aanvrager als zodanig behandeld worden.

Artikel 8.18
Verplichtingen die het Stimuleringsfonds aan een subsidieontvanger oplegt hebben geen betrekking op de inhoud van een persorgaan.

Artikel 8.19
Het Stimuleringsfonds maakt een besluit tot verlening van een subsidie binnen een week nadat het besluit is genomen bekend in de Staatscourant, met vermelding van de hoogte van de subsidie.

Artikel 8.20
1. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over:
a. de nadere voorwaarden voor het verkrijgen van subsidie;
b. de verplichtingen die het Stimuleringsfonds bij de subsidieverstrekking kan opleggen;
c. de indiening en wijze van behandeling van aanvragen;
d. de hoogte van subsidies en de wijze van berekening daarvan;
e. de wijze waarop de beschikbare financiële middelen voor de verschillende subsidies worden verdeeld als een subsidieplafond is vastgesteld;
f. de verstrekking van voorschotten; en
g. de intrekking, wijziging en terugvordering van subsidies.
2. Voorwaarden als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, hebben geen betrekking op de inhoud van een persorgaan.

Artikel 8.21
1. Met het toezicht op de naleving van de bepalingen en voorschriften die op grond van dit hoofdstuk gelden voor subsidieontvangers zijn belast de leden van het Stimuleringsfonds en de bij besluit van het Stimuleringsfonds aangewezen medewerkers van het Stimuleringsfonds.
2. Van een besluit als bedoeld in het tweede lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.

image
onderzoeksproject 'Journalisten in het digitale tijdperk'

Het Stimuleringsfonds voor de Pers heeft besloten een subsidie ter hoogte van maximaal € 43.720,- in de vorm van een uitkering beschikbaar te stellen aan onderzoekers van de Radboud Universiteit Nijmegen ter medefinanciering van een onderzoek naar actuele tendensen in het journalistieke werkveld.

Lees meer...
image
Nederlandse consument bereid te betalen voor digitale informatie op maat

Lezers van digitale content hebben andere voorkeuren dan lezers van de traditionele print-editie.

Lees meer...

Persinnovatieregeling:

1 juli tot 15 september 2010. Binnen 8 weken na 1 oktober wordt een besluit op de aanvraag genomen.

 

Overige regelingen

Indienen kan op elk gewenst moment. Binnen 13 weken wordt een besluit op de aanvraag genomen. Zie vergaderdata 2010.

Prinsessegracht 19-C
2514 AP Den Haag
 
T: 070-361 71 11
F: 070-361 71 08
 
 
Follow StifoPers on Twitter